Na mijn beroerte had ik moeite met praten; de letters klonken raar en ik struikelde over sommige woorden. Ik verslikte me ook regelmatig in de koffie en thee. Mijn neuroloog adviseerde me om meteen logopedie te starten.
Na een infarct of beroerte kunnen spraak-, slik- of taalproblemen ontstaan. De aard en de ernst van de problemen hangt af van het gebied in de hersenen dat is aangetast. Er kunnen verschillende problemen optreden. Soms is er een probleem in de aansturing van de spieren, waardoor een deel van de tong niet meer goed beweegt. Mensen ervaren minder controle over de tong, waardoor ze zich verslikken of hebben moeite met de uitspraak van specifieke klanken.
Een slikprobleem door een neurologische oorzaak wordt dysfagie genoemd, bij spraakproblemen wordt het woord dysarthrie gebruikt. Wanneer het taalgebied in de hersenen is aangedaan hebben mensen meer bijvoorbeeld moeite om te begrijpen wat de ander bedoelt, kunnen het juiste woord niet vinden of zeggen een verkeerd woord. Zo’n taalprobleem wordt afasie genoemd.




